Muuropbouw van een Houtskelet woning

Zoals reeds aangehaald in een vorige blogpost is een dampopen muuropbouw belangrijk: het laat vocht geen kans de skeletmuur negatief te beinvloeden.  Laat ons voor deze post even doorgaan op de gehele muuropbouw.  Als voorbeeld gebruiken we hier onze eigen muuropbouw maar merk op dat deze niet de énige mogelijke is.  Afhankelijk van je budget, je noden en wensen, je aandacht voor ecologische aspecten, … zal je mogelijk afwijken van wat hier omschreven staat.  (dikte buitenschil, type isolatie, dikte van technische spouw, gebruikte houtsoort, …)

Beginnen bij het begin: basis van de houtskelet

Een houtskeletbouw muur moet voldoende draagkrachtig zijn om de stabiliteit van de woning te kunnen waarborgen.  De structuur die hiervoor zorgt is een raamwerk-kaderwerk van houten stijlen en regels met daarop een OSB-beplating.

02 Basis van Skelet

De tekening toont een deel van zulke muur en ik liet bewust een deel paneel weg om opbouw duidelijk zichtbaar te maken.  De stijlen die je ziet zijn 45mm breed en 140 mm “diep”.

De diepte van deze stijlen zal onder meer afhangen van het gewenste isolatiepeil.  (In ons geval 14 cm in de binnenkant van de buitenmuur.)

Op elke vier stijlen ligt een OSB plaat met een dikte van 11 mm.  Dit verleent de nodige stabiliteit en stijfheid aan het skelet.  Elke plaat is 1200 mm breed (1 meter 20 cm).  De OSB platen zitten aan de binnenzijde van de muur.  (Bekijk de tekening dus als een muuropbouw gekeken van binnen naar buiten.)

Tussen de houten stijlen, komt isolatie.

03 Basis   isolatie

In ons geval gaat het hier over een ecosewol, maar men zou hier eveneens een rockwool kunnen toepassen of de skelet achteraf inblazen met zogenaamde “cellulose vlokken”.  (Een soort van papiersnippers die een isolerende werking hebben en als aangenaam effect ook de “warmtedoorslag” verminderen zodat de woning in de zomer gemakkelijker koel te houden is – cellulose heeft echter een mindere U-waarde en isoleert dus minder goed.)

Een Dampopen Buitenschil

Om eventuele waterdamp de kans te geven naar buiten te kunnen werken we aan de buitenzijde van de skelet met een damp-open materiaal.  In ons geval: Celit.

04 Celit tegen kepers aan buitenkant

Deze Celit 3D plaat werkt als een dampopen afscherming terwijl het eveneens een isolerende werking heeft.  Indien dit materiaal wordt blootgesteld aan vocht, zal het dit opnemen, maar ook onmiddellijk terug afgeven op het moment dat de omstandigheden dit toelaten.  (Als de zon terug even schijnt bijvoorbeeld.)

Aan de buitenzijde beslisten we nog een extra laag isolatie (ecosewol) aan te brengen bovenop deze Celit.  (Niet weergegeven op de tekening.)  Dit is mogelijk omdat ook ecose een dampopen materiaal is.  Wat echter niet goed zou zijn is om hier te werken met een PUR plaat of dergelijke.  (Kijk naar het dampdiffusieweerstandsgetal als indicatie voor dampopenheid van een materiaal.)

En het dampscherm of damprem?

Herinner je dat je (ondanks je dampopen structuur) steeds probeert te verhinderen dat waterdamp van binnenuit in je buitenschil kan dringen.  Verder tracht je steeds luchtdicht te werken.  (Immers: als je luchtlekken hebt in je buitenschil, dan zal hierlangs ook opgewarmde lucht aan het beschermde volume ontsnappen.  Deze lucht heb je dan voor niets opgewarmt en daarmee maak je enkel je energieleverancier blij.)  Vandaar: een dampscherm!

Het dampscherm in de opbouw zoals hier beschreven zijn de OSB platen zélf.  Deze OSB platen zitten immers aan de binnenzijde van de skeletmuur en dus zijn ze ideaal geplaatst om je luchtdichting en dampdichting te verzorgen.  Ware het niet …

De buitenmuur bestaat niet uit één OSB plaat.  De platen zijn elk 1m 20cm breed en dus zullen er “naden” zijn tussen de verschillende platen.  Elk van deze naden vormt een luchtlek.  Deze luchtlekken voorkom je door ze zorgvuldig af te tapen met daarvoor gespecialiseerd materiaal.  (Een luchtdichtingstape.)

05 Aftaping uitstijvingsplaat

Op de tekening zie je drie OSB platen met twee naden.  Elk van deze naden wordt afgetaped.

In de plaats van te werken met OSB als materiaal kan je ook opteren voor Spano-plaat.  Daar waar het bewezen werd dat OSB nog niet volledig 100% luchtdicht is, zijn soorten van Spano dit immers wel.  Onze doelstelling is een luchtdichting te bekomen met een n50-waarde kleiner dan 1, wat zinvol is in kader van bouwen van een lage-energie woning.  De passiefhuis norm voor luchtdichting is nog iets strenger met een n50-waarde van kleiner dan 0,6.  In dat laatste geval is het zinvol om bijvoorbeeld met Spano te werken.  (Aan alles hangt immers een prijskaartje.)  Onze beoogde n50 < 1 zou haalbaar moeten zijn met OSB als uitstijvingsplaat.

Geen gaatjes meer dus… vandaar een Technische Spouw

We zijn nu zover dat onze skelet 1) luchtdicht is en 2) dampopen is naar buiten toe.  Perfect.  Ware het niet dat we hier en daar ook nog wel een stopcontact willen  en dat deze plaatsen zonder een gaatje te maken in onze OSB is niet evident zou zijn.  Elke doorboring van je buitenschil zal een meetbare impact hebben op je luchtdichting.  Met andere woorden: not done.  Afblijven.

De oplossing om je luchtdichting te houden is om te werken met een “techniche spouw” of “leidingspouw”.  Dit is een voorzetwand waarin je bewust de plaats creëert om technische leidingen (electriciteit, sanitair, contactdozen, …) in te voorzien.

06 Stijlen Technische Spouw

Om zulke technische spouw te creëren worden er houten stijlen van 45mm op 45 mm geplaatst om de 355 mm.  (Hart op hart afstand van de stijlen is 40 cm).  Je zal misschien opmerken dat deze stijlen nét op de plaats komen van de luchtdichtingstape.  Dit is niet erg.  (Ze zullen de tape immers aandrukken en goed op zijn plaats houden.)

Als we dan toch met een technische spouw werken kunnen we deze net zo goed ook isoleren.

07 Isolatie in Technische Spouw

Afwerking aan de binnenkant van de houtskelet

Aangezien we moeilijk de isolatie kunnen schilderen in de technische spouw, wordt deze verder afgewerkt met een OSB plaat en een gipsplaat-afwerking erop.

08 OSB op Technische Spouw

Hoewel gipsplaten op zich met het juiste bevestigingsmateriaal best wel wat gewicht kan verdragen (denk aan het ophangen van een kast, een tv, …) opteerden we er toch voor om achter de gyproc afwerking nog te werken met een extra OSB plaat.  Deze plaat geeft nog een extra versteviging en laat toe zwaardere lasten gemakkelijk op te hangen.

Onze uiteindelijke muuropbouw ziet er nu als volgt uit:

09 Gyproc

Advertenties

Bouw uitgepaald

De eerste concrete werken zijn begonnen op de grond.  Afgelopen woensdag (16 mei) werd onze bouw uitgepaald.  Netjes werd afgezet waar exact welke muren zullen komen.

Dezelfde dag nog kregen we van qbuild ook keurig een gedetailleerd uitpalingsverslag waarop linker- en rechtervoorhoek en de hoogte van de vloerpas.  Inmiddels kregen we ook van onze architecte haar goedkeuring.  Alles is nu dus klaar voor het uitgraven van de funderingssleuven, leggen van de aardingslus en storten van de beton in de greppels – dit alles hopelijk al einde van volgende week.

Wat vertrouwen wekt is dat Peter, met al zijn know-how, zelf nog de werken mee opvolgt en tussen zijn mensen staat.

We kijken al uit naar hoe de zaken er eind van volgende week zullen bijstaan.

Start van de uitvoeringsplannen

Het is nu exact 7 dagen geleden wanneer we de eerste technische bespreking hadden met QBuild.  Gewapend met een zeer nauwkeurig technisch plan waarop elke balk en elk detail, werden heel wat bouwdetails, keuzes en wensen overlopen.  Immers, elke keuze die wij maken heeft potentieel een impact op de technische uitvoering.  Beter op voorhand nadenken dus Smile.  Een verre-van-volledig lijstje om toch even een beeld te schetsen:

  • diameter van afvoeren CV, ventilatie, …
  • keukenplan (waar moet water komen, afvoeren, elektrische voorzieningen, …)
  • soort van dampkap (recirculatie of afvoer naar buiten toe – gegeven onze bewuste keuze voor luchtdichting kiezen we hier uiteraard voor een recirculatiesysteem)
  • type droogkast (condensatie of met afvoer naar buiten toe – idem als bij de dampkap is een condensatiesysteem beter naar luchtdichting)
  • plaats van de regenwaterput
  • al dan niet uitvoeren van stukje verlaagd plafond
  • plaats van de lavabo’s in de badkamer
  • maten van de douches en het bad
  • plaats van afvoeren in badkamer
  • maten van de deuren (Wist je dat hier nog verschil in is?  Wij alvast niet… of toch nooit bij stilgestaan.)
  • afwerking van de trap
  • plaats van de tappunten waar regenwater zal worden voorzien
  • ventilatieplan
  • elektriciteitsplan
  • voorziening van wachtleidingen
  • uitvoering van ondervloer (chape / droogvloer / … )

Niet alleen werd de vraag gesteld bij elk onderwerp maar gelukkig was Peter er ook om mee na te denken over de beste uitvoering.  Ik las op de blog van Kilian dat hij hiervan al een aantal voorbeelden gaf, waaronder bv de breedte van de douche en hoe Peter voorstelde om deze nét dat ietsje breder te maken zodat bij effectieve uitvoering ook de tegels netjes uitkomen.

Een ander voorbeeld is dat hij ons opmerkte dat een welbepaald raam misschien toch beter zou opendraaien gezien het kuisgemak en ook hoe hij voorstelde om de doorgang van de slaapkamer naar de badkamer af te werken om later het gemakkelijkste nog een pivot-deur te kunnen plaatsen indien gewenst.

Wij bouwen maar één keer (daar gaan we toch vanuit), maar mensen als Peter doen dit dagelijks – dat verschil merk je toch.

Fijn om te weten was dat we het uitvoeringsplan na afloop ook ter beschikking zullen krijgen; handig voor als we ooit de plaats van een balkje moeten weten of zouden twijfelen waar bepaalde elementen nu net hun doorgang hebben bv.

Nu, uiteraard hadden we niet op elke vraag een antwoord vorige week – het was dan ook een zéér druk weekend met een aantal goed gevulde dagen erachter.  (Ok, understatement van het jaar wellicht – denk niet dat onze dagen ooit zo vol hebben gezeten…)  De streefdatum voor de ruwbouw is immers nog steeds vóór het bouwverlof; het werd dan ook tijd om knopen te hakken.

Peter is de dag erop naar de grond komen kijken om zich een beeld te kunnen vormen van waar de kraan etc best zou staan.  Blijkbaar is het zo dat, om alles vlot te laten verlopen, iedereen die een rol te spelen heeft (leveranciers, kraan, …) netjes op voorhand wordt gebriefd met zijn plaats op een plan.  Gelukkig kwamen er geen verassingen uit dit plaatsbezoek en zou de omgeving van de bouwplaats vlot moeten toelaten efficiênt te werken.

We verwachten ons nog aan een tweede bespreking van het uitvoeringsplan maar bij deze zijn er op één week toch weer heel wat stappen gezet richting de ruwbouw.

Top 10: Informatie Houtskeletbouw

Als bouwheer is het belangrijk goed geïnformeerd te zijn en het internet is hierbij een blessing.  Bij deze onze ‘top 10’ van goede online informatiebronnen!  Goed voor méér dan enkele uren leeswerk Smile.

Houtskelet en Dampopen Bouwen

Een van de no-discussion criteria bij de keuze van onze bouwfirma was de muuropbouw.  Als het over muuropbouw gaat was er één belangrijk punt waarop we níet wilden zondigen: een dampopen structuur.  Deze blogpost schreven we met de bedoeling op een begrijpelijk manier uit te leggen waaróm dit nu net zo cruciaal is.  Immers: hoe meer je weet, hoe minder je jezelf laat wijsmaken.  (Verschiet er niet van als je volgende keer batibouw binnenwandelt en de ene “grote” naam na de andere ziet zondigen tegen onderstaande principes Smile.)  Dit was een van de redenen voor onze uiteindelijke keuze voor QBuild .

Waterdamp … en wat het met bouwen te maken heeft.

We koken, we douchen, we transpireren, … Wanneer we in huis leven, creëren we een zekere hoeveelheid waterdamp.  That’s ok, deze bevindt zich in de lucht en we zullen hier nooit hinder van ondervinden.

Waterdamp blijft echter niet onder alle omstandigheden waterdamp.  Haal even je beste fysica terug boven van in het middelbaar.  Afhankelijk van de luchtdruk en temperatuur, kan lucht méér of minder waterdamp bevatten.  Nu, de luchtdruk kan misschien wel wat variëren met het weer, maar laat ons het hier even hebben over de temperatuur.  De hoeveelheid water die lucht écht bevat, uitgedrukt ten opzichte van de maximum hoeveelheid water die de lucht kán bevatten (gegeven een bepaalde temperatuur en druk) wordt uitgedrukt als de “relatieve luchtvochtigheid”.   Dit is een percentage.

Naarmate lucht afkoelt, neemt ook het vermogen ervan af waterdamp te bevatten.  Met andere woorden: warme lucht kan meer waterdamp bevatten dan koude.  Als je warme lucht voldoende afkoelt, komt deze op een punt dat hij méér water bevat dan zijn vermogen het “nog op te houden”.  (Dit is het “dauwpunt”: de relatieve luchtvochtigheid is dan 100%)  Op dit moment treedt condensatie op.  Dit wil zeggen dat op een gegeven moment, bij afkoeling, er “water” komt uit de lucht.

Nu is waterdamp niet bepaald schadelijk voor een bouw; maar water des te meer!

Koudebruggen en Vochtige Isolatie

Overal waar lucht gaan kan, gaat ook de waterdamp mee die erin zit.  Indien je bouwschil zodanig is opgebouwd dat warme/vochtige lucht vanuit je binnenklimaat de kans krijgt zich te verplaatsen tot in de isolatieschil loop je het risico dat deze hier zou afkoelen.  (Veronderstel voor de rest van de discussie even een houtskeletbouw.)

Immers: naarmate de lucht verder doordringt naar de buitenkant van de gebouwschil toe, hoe kouder het zal worden en hoe groter het risico op condensatie.  Wanneer waterdamp in de lucht zou condenseren in je isolatieschil, wordt deze nat.  Isolatie die vochtig wordt verliest aan isolatiecapaciteit.

Hetzelfde geldt overigens niet alleen voor je isolerende schil: als er ergens in de woning koude oppervlaktes zijn (zoals koudebruggen) zou vocht er zich kunnen afzetten omdat de lucht er op deze plaatsen afkoelt.  Dit geeft mogelijk dan weer gevolg tot vochtproblemen.

Ventileren dan maar

Om een gezond binnenklimaat na te streven is ventileren cruciaal.  Dit kan op verschillende manieren, maar laat ons deze nu even buiten beschouwing laten.  Een van de voordelen die een goede ventilatie met zich meebrengt is de afvoer van vochtige lucht.  Immers: hoe minder vochtige lucht, hoe kleiner het risico op afzet van vocht bij koudebruggen etc…

Voorkomen is beter dan genezen: het dampscherm

Om je al het bovenstaand beschreven plezier te besparen plaats je een zogenaamd “dampscherm” aan de binnenzijde van je bouwschil.  (Aan de “warme kant” van de isolatie.)  Dit dampscherm voorkomt dat warme (en vochtigere) lucht van je binnenomgeving door kan dringen in de bouwschil.  Hiermee tracht je de hoeveelheid waterdamp in de schil en het risico ervan op condenseren te minimalizeren.

Dampschermen kunnen op verschillende manieren worden uitgevoerd.  Vaak gaat het om een specifiek soort folie dat achter je gyproc steekt of over hard plaatmateriaal (OSB/Spano) dat luchtdicht wordt afgetaped.

Het belang van dampopen bouwen

Samenvatting tot nogtoe: je tracht te voorkomen dat vocht doordringt daar waar je het liever niet wil: je gebouwschil.  Dit doe je door een goede ventilatie en het aanbrengen van een damprem of dampscherm.

Maar… zeg nooit nooit.  Net als water, zoekt waterdamp zijn weg.  Dit wil zeggen dat een minimale kier of spleet reeds volstaat om toch vochtige lucht door te laten.  Vandaar ook het belang van het aftapen van naden en luchtdicht bouwen.  Niets is echter perfect en je kan er dan ook maar beter vanuit gaan dat dit zich vroeg of laat toch voordoet.  Wat dan?

Waterdamp die zich in de gebouwschil bevindt wil je daar het liefst weg.  Daarom moet je het ook de kans geven om weg te kúnnen.  Als je aan je binnenzijde immers een dampscherm aanbrengt, kan het alvast niet gemakkelijk terug naar de binnenruimte.  Richting buitenlucht dan maar?  Inderdaad – maar dan moet je gebouwschil correct zijn opgebouwd en moet de buitenbeplating van je houtskeletstructuur dampopen zijn!

Om maar een voorbeeld te geven: als je houtskelet een muuropbouw heeft met OSB plaat aan binnenkant + houten stijlen + OSB plaat aan de buitenkant, kan het opgesloten vocht niet weg.  (Waterdamp geraakt immers niet door de buitenste OSB plaat.)  Beeld je dan nog in dat er tegen deze OSB buiten nog een harde PUR plaat zou worden aangebracht (Recticel of Kingspan Resolplaat): dit maakt de zaak alleen maar erger en laat helemaal geen vocht meer door.  Je bent in dat geval volledig aangewezen op je damprem / dampscherm.

Een dampopen opbouw voorziet in een buitenplaat waardoor waterdamp zich gemakkelijk kan verplaatsen.  Houtvezelplaten lenen zich hier uitstekend toe.  (Celit of Pavatex of Gutex, …)  In ons voorbeeld wil dit zeggen: géén OSB langs de buitenzijde, maar liever een Celit 3D.  (Zie foto.)  Als je er dan toch nog voor zou willen kiezen om bovenop deze houtvezelplaat nog een bijkomende isolatie te plaatsen, zorg dan ook dat deze dampopen is.  (Dus zeker geen dampdicht PUR plaat.)

Zoals vaak is de wereld niet zwart / wit.  Een materiaal is niet “open” of “toe”, maar wordt gekenmerkt door een zogenaamd “dampdiffusieweerstandsgetal” µ.  (Dat van Celit 3D is bijvoorbeeld “5” – terug te vinden op de technische fiche.)

Landmeter geweest & kabel verhangen

Vandaag is het weer een vruchtbare dag geweest.  Voor er kan gebouwd worden moest er:

  • nogmaals een landmeter langskomen aangezien er nog geen exacte afpaling aanwezig was
  • een overhangende electriciteitskabel en distributiekabel verwijderd worden

Beiden werden vandaag opgelost!

Beginnen bouwen zonder exact te weten tot wáár je nu mag komen leek ons niet erg aangewezen (vooral niet omdat het hier een halfopen bebouwing betreft).  Dit werd nu netjes opgelost met metalen pinnetjes in de grond en duidelijke graffiti aanduidingen:

 

Wat de electriciteitskabel betreft: het heeft wat voeten in de aarde gehad om Eandis zo ver te krijgen, maar met resultaat.  Waar je anno 2012 ervan uit zou durven gaan dat kabels niet boven de grond thuis horen maar eronder, lijkt deze logica voorbij te gaan aan Eandis.  Deze paal stond in de weg op onze eigendom en dus heeft men vrolijk een nieuwe gezet op de grond van onze buren!  (Alleen maar in België …)  Ik neem aan dat ze telefoon van de buurman mogen verwachten eens deze concrete bouwplannen heeft.

Nieuwe bouwfirma: QBuild

Onze laatste blogpost eindigde met de zegende woorden: “We hebben goede moed dat de volgende blogposts weer échte vooruitgang kunnen tonen.”  Bij deze dan ook goed nieuws: we hebben een nieuwe bouwfirma gevonden: QBuild.

Batibouw was voor ons nog maar eens een bevestiging dat het aanbod houtskeletbouw firmas die werken op een correcte manier en wéten over wat ze praten eerder beperkt is in België.  Massieve houtskeletbouw terzijde gelaten (hiervan kennen we weinig of niets), was het zéér moeilijk nog eentje te vinden die correcte uitleg kon geven over een correcte opbouw.

“Correct opbouw?” – “Is er dan verschil?”

… en nog geen klein beetje.  Hoewel het nooit onze bedoeling geweest was om zo uitgebreid onderzoek te doen of onszelf te verdiepen in de materie “houtskeletbouw”, bleek toch al snel dat het geen kwaad kon nét iets meer te weten dan “niets” :-).

Als we zo snel terugtellen in een terugblik op voorbije twee jaar hebben we zo’n 15-tal firma’s gesproken.  (Dus niet gewoon gezien op een beurs, maar effectief aan tafel gehad voor bespreking en/of offerte.)  Zonder namen te noemen of hierbij een waarde-oordeel te willen vellen, merkten we toch dat de meesten het liever in de eerste plaats langs de commerciële kant bekeken dan van de kwalitatieve.  (“Een mooie keuken in een kijkwoning ziet er fantastisch uit en als dan prijs voor bouw ook nog meevalt is dat zeer verleidelijk – is er echter ooit gesproken geweest over muuropbouw, dikte van balken, luchtdichting, … etc?  Laat je niet te snel inpakken… twee plaatjes OSB, met beetje rockwool ertussen en beplakt met een Recticel plaatje is ook houtskeletbouw.”)

Lang verhaal kort: QBuild gaf ons op de beurs een correcte uitleg over een correcte muuropbouw en gaf blijk van de nodige expertise.  Aanzet op Yton met verankering in beton, dampopen opbouw naar buiten toe, gebruik van Celith, kennis van luchtdichting, pro-actief aanpakken van potentiele koudebruggen, …

Budget & Doe-Het-Zelf

Naast een correcte opbouw en de houtskelet-knowhow was het voor ons nog belangrijk om het geheel te passen binnen het beschikbare budget.  (Bij wie niet??)  Nu, eerder beslisten we al om nogal wat zaken zelf te doen, waaronder electriciteit, verwarming, ventilatie, sanitair, …  Ook hier leek QBuild geen probleem van te maken.  (Integendeel, we kregen advies over hoe zaken best aan te pakken.)  Nu mag dit evident klinken, maar bij het leeuwendeel van de bewuste 15 firma’s leek er toch steeds iets te ” blijven plakken”.  Elke firma dient uiteraard winstgevend te zijn, dus ook op zulke werken nemen zij een stukje marge – velen zijn er dan ook niet blij mee een stukje van die marge te zien verdwijnen.  Een gedetailleerde prijsofferte is je beste bescherming: als elke post nauwkeurig uitgerekend staat én op papier wordt gezet heb je niet alleen een keurig overzicht, maar ben je er eveneens zeker van dat je firma in alle transparantie wil werken.  (En minimaliseer je het risico dat ze gaan “schuiven” in kosten-posten.)

Conclusie

Na een aantal intensieve gesprekken en ook na Peter (technisch directeur) te hebben ontmoet van QBuild werd het stilaan duidelijk dat ze wilden garant staan voor kwaliteit; ze konden zich dan ook vinden in ons lage-energie concept.  En hier staan we dan: een aantal weken terug nog zonder bouwfirma en nu met een akkoord bij QBuild.

Vol goede moed kijken we uit naar de voorbereidingen voor start van de werken!  (Stabiliteitsstudie op het bouwplan, veiligheidscoordinatie en EPB in gang zetten, Eandis in het oog houden dat ze onze electriciteitskabel weghalen boven de grond, …)

Prettig weekend,
Christof en Deborah

Faillissement Bouwfirma Lotte Houthuys

Hey iedereen!  Even geleden sinds onze laatste post en dat heeft ook zo zijn redenen: onze bouwfirma ging recentelijk failliet.  “waarom” is het eerste wat je jezelf dan afvraagt, en hoewel we verschillende verhalen hoorden lijkt het ons best het bij de feiten te houden, er geen waarde-oordeel aan te hangen en niet te speculeren.  Samengevat: “ze zijn er niet meer”.

Ongeloof, verbazing, ontgoocheling, … wat kan ik hier over zeggen? We hadden dan ook geluk (bij een ongeluk) dat er nog geen voorschotten werden betaald.  Wij zijn dus geen geld kwijt, maar hiermee staat onze planning wel op de helling.

Nu kan je achteruit blijven kijken en jezelf vragen blijven stellen ofwel ga voor je toekomst en begin je als een gek terug je huiswerk te maken: wie kan ons het best helpen, welke aannemer heeft er een correct houtskeletopbouw, hoe zit het met de planning, … ?

Afgelopen weken waren dus op z’n minst hectisch te noemen.  Als we dan toch opnieuw ons huiswerk moeten maken doen we dat ook liever grondig – er hangt immers nogal wat van af en niet in het minst moet je vertrouwen kunnen stellen in je bouwfirma.

We hebben goede moed dat de volgende blogposts weer échte vooruitgang kunnen tonen 🙂  – Tot snel!

Bouwvergunning in orde – Verwarming beslist

Het is al even het geval, maar wegens tijdsgebrek was het er nog niet echt van gekomen om het ook hier nog even te melden: onze bouwvergunning is toegekomen en staat trots ge-afficheerd op de bouwgrond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Intussen is de stapel betonklinkers ook weer een beetje gegroeid en is het vermoedelijk nog maar twee dagen werk om ook de rest netjes weg te leggen zodat alles klaar is om een fundering te kunnen gieten.

Om even terug te komen op onze keuze betreft buitenschrijnwerk, dit zal PVC worden van Schüco (SI82 profiel).  (Beter isolerend en goedkoper dan alu.)  Hierover later misschien meer in een afzonderlijke post.

Verder hebben we ook de knoop doorgehakt om met de zelfbouwfirma EasyKit in zee te gaan voor wat betreft vloerverwarming en sanitair.  Hoewel een zeer jonge firma bleken ze zeer behulpzaam in het zoeken van oplossingen voor een lage-energiewoning.  (Meer dan gelijkaardige firmas als onder meer SACK zelfbouw waar we sterk de indruk kregen dat het in de eerste plaats ging om te verkopen; ongeacht of dit dan ook de beste oplossing was voor onze lage-energie houtskeletbouw.  Dit zijn uiteraard persoonlijke ervaringen, we hoorden al van anderen positieve zaken ook.)

Het vraagstuk is immers niet evident:

  • je wil liefst een ketel die zuinig werkt en gascondensatie is een mooie oplossing
  • echter, je dient het aantal kW af te stemmen op je verwarmingsbehoeften – deze zijn in een lage-energiewoning, per definitie, zeer laag (maar enkele kW)
  • indien je dit strikt zou toepassen, zou een laag-modelurende ketel van maar een aantal kW voldoende zijn (zeg maar bv 4 kW)
  • dit is echter gerekend buiten het sanitair comfort: je wil immers op comfortabele wijze een douche kunnen nemen zonder dat je ketel het laat afweten omdat hij niet kan bijhouden met verwarmen

De oplossing waarvoor we kozen lijkt ons een pragmatisch, comfortable middenweg: een ACV modulerende ketel van 4 kW tot max 30 kW.  Dit garandeert lage modulatie en dus een optimaal rendement voor de verwarming terwijl een douche of bad perfect worden bedient door de bovengrens van 30 kW.  Deze zal nog worden aangevuld met een kleine boiler.  (Ook ACV, ketel in ketel systeem wat maakt dat deze meer dan andere snel kan opwarmen.)

Zeer binnenkort hebben we onze eerste technische vergadering met de aannemer.  Nog iets om naar uit te kijken dus!

Tweede werkdag

Voila, onze tweede werkdag zit er op. Van de betonklinkers die nog verwijderd dienden te worden zijn er nu toch al veel weg! Nog een paar uurtjes werken en het pad wat er nog lag, ligt niet lang in de weg.

Hopelijk een bouwvergunning in de komende dagen.

%d bloggers liken dit: