Bouw uitgepaald

De eerste concrete werken zijn begonnen op de grond.  Afgelopen woensdag (16 mei) werd onze bouw uitgepaald.  Netjes werd afgezet waar exact welke muren zullen komen.

Dezelfde dag nog kregen we van qbuild ook keurig een gedetailleerd uitpalingsverslag waarop linker- en rechtervoorhoek en de hoogte van de vloerpas.  Inmiddels kregen we ook van onze architecte haar goedkeuring.  Alles is nu dus klaar voor het uitgraven van de funderingssleuven, leggen van de aardingslus en storten van de beton in de greppels – dit alles hopelijk al einde van volgende week.

Wat vertrouwen wekt is dat Peter, met al zijn know-how, zelf nog de werken mee opvolgt en tussen zijn mensen staat.

We kijken al uit naar hoe de zaken er eind van volgende week zullen bijstaan.

Advertenties

Start van de uitvoeringsplannen

Het is nu exact 7 dagen geleden wanneer we de eerste technische bespreking hadden met QBuild.  Gewapend met een zeer nauwkeurig technisch plan waarop elke balk en elk detail, werden heel wat bouwdetails, keuzes en wensen overlopen.  Immers, elke keuze die wij maken heeft potentieel een impact op de technische uitvoering.  Beter op voorhand nadenken dus Smile.  Een verre-van-volledig lijstje om toch even een beeld te schetsen:

  • diameter van afvoeren CV, ventilatie, …
  • keukenplan (waar moet water komen, afvoeren, elektrische voorzieningen, …)
  • soort van dampkap (recirculatie of afvoer naar buiten toe – gegeven onze bewuste keuze voor luchtdichting kiezen we hier uiteraard voor een recirculatiesysteem)
  • type droogkast (condensatie of met afvoer naar buiten toe – idem als bij de dampkap is een condensatiesysteem beter naar luchtdichting)
  • plaats van de regenwaterput
  • al dan niet uitvoeren van stukje verlaagd plafond
  • plaats van de lavabo’s in de badkamer
  • maten van de douches en het bad
  • plaats van afvoeren in badkamer
  • maten van de deuren (Wist je dat hier nog verschil in is?  Wij alvast niet… of toch nooit bij stilgestaan.)
  • afwerking van de trap
  • plaats van de tappunten waar regenwater zal worden voorzien
  • ventilatieplan
  • elektriciteitsplan
  • voorziening van wachtleidingen
  • uitvoering van ondervloer (chape / droogvloer / … )

Niet alleen werd de vraag gesteld bij elk onderwerp maar gelukkig was Peter er ook om mee na te denken over de beste uitvoering.  Ik las op de blog van Kilian dat hij hiervan al een aantal voorbeelden gaf, waaronder bv de breedte van de douche en hoe Peter voorstelde om deze nét dat ietsje breder te maken zodat bij effectieve uitvoering ook de tegels netjes uitkomen.

Een ander voorbeeld is dat hij ons opmerkte dat een welbepaald raam misschien toch beter zou opendraaien gezien het kuisgemak en ook hoe hij voorstelde om de doorgang van de slaapkamer naar de badkamer af te werken om later het gemakkelijkste nog een pivot-deur te kunnen plaatsen indien gewenst.

Wij bouwen maar één keer (daar gaan we toch vanuit), maar mensen als Peter doen dit dagelijks – dat verschil merk je toch.

Fijn om te weten was dat we het uitvoeringsplan na afloop ook ter beschikking zullen krijgen; handig voor als we ooit de plaats van een balkje moeten weten of zouden twijfelen waar bepaalde elementen nu net hun doorgang hebben bv.

Nu, uiteraard hadden we niet op elke vraag een antwoord vorige week – het was dan ook een zéér druk weekend met een aantal goed gevulde dagen erachter.  (Ok, understatement van het jaar wellicht – denk niet dat onze dagen ooit zo vol hebben gezeten…)  De streefdatum voor de ruwbouw is immers nog steeds vóór het bouwverlof; het werd dan ook tijd om knopen te hakken.

Peter is de dag erop naar de grond komen kijken om zich een beeld te kunnen vormen van waar de kraan etc best zou staan.  Blijkbaar is het zo dat, om alles vlot te laten verlopen, iedereen die een rol te spelen heeft (leveranciers, kraan, …) netjes op voorhand wordt gebriefd met zijn plaats op een plan.  Gelukkig kwamen er geen verassingen uit dit plaatsbezoek en zou de omgeving van de bouwplaats vlot moeten toelaten efficiênt te werken.

We verwachten ons nog aan een tweede bespreking van het uitvoeringsplan maar bij deze zijn er op één week toch weer heel wat stappen gezet richting de ruwbouw.

Houtskelet en Dampopen Bouwen

Een van de no-discussion criteria bij de keuze van onze bouwfirma was de muuropbouw.  Als het over muuropbouw gaat was er één belangrijk punt waarop we níet wilden zondigen: een dampopen structuur.  Deze blogpost schreven we met de bedoeling op een begrijpelijk manier uit te leggen waaróm dit nu net zo cruciaal is.  Immers: hoe meer je weet, hoe minder je jezelf laat wijsmaken.  (Verschiet er niet van als je volgende keer batibouw binnenwandelt en de ene “grote” naam na de andere ziet zondigen tegen onderstaande principes Smile.)  Dit was een van de redenen voor onze uiteindelijke keuze voor QBuild .

Waterdamp … en wat het met bouwen te maken heeft.

We koken, we douchen, we transpireren, … Wanneer we in huis leven, creëren we een zekere hoeveelheid waterdamp.  That’s ok, deze bevindt zich in de lucht en we zullen hier nooit hinder van ondervinden.

Waterdamp blijft echter niet onder alle omstandigheden waterdamp.  Haal even je beste fysica terug boven van in het middelbaar.  Afhankelijk van de luchtdruk en temperatuur, kan lucht méér of minder waterdamp bevatten.  Nu, de luchtdruk kan misschien wel wat variëren met het weer, maar laat ons het hier even hebben over de temperatuur.  De hoeveelheid water die lucht écht bevat, uitgedrukt ten opzichte van de maximum hoeveelheid water die de lucht kán bevatten (gegeven een bepaalde temperatuur en druk) wordt uitgedrukt als de “relatieve luchtvochtigheid”.   Dit is een percentage.

Naarmate lucht afkoelt, neemt ook het vermogen ervan af waterdamp te bevatten.  Met andere woorden: warme lucht kan meer waterdamp bevatten dan koude.  Als je warme lucht voldoende afkoelt, komt deze op een punt dat hij méér water bevat dan zijn vermogen het “nog op te houden”.  (Dit is het “dauwpunt”: de relatieve luchtvochtigheid is dan 100%)  Op dit moment treedt condensatie op.  Dit wil zeggen dat op een gegeven moment, bij afkoeling, er “water” komt uit de lucht.

Nu is waterdamp niet bepaald schadelijk voor een bouw; maar water des te meer!

Koudebruggen en Vochtige Isolatie

Overal waar lucht gaan kan, gaat ook de waterdamp mee die erin zit.  Indien je bouwschil zodanig is opgebouwd dat warme/vochtige lucht vanuit je binnenklimaat de kans krijgt zich te verplaatsen tot in de isolatieschil loop je het risico dat deze hier zou afkoelen.  (Veronderstel voor de rest van de discussie even een houtskeletbouw.)

Immers: naarmate de lucht verder doordringt naar de buitenkant van de gebouwschil toe, hoe kouder het zal worden en hoe groter het risico op condensatie.  Wanneer waterdamp in de lucht zou condenseren in je isolatieschil, wordt deze nat.  Isolatie die vochtig wordt verliest aan isolatiecapaciteit.

Hetzelfde geldt overigens niet alleen voor je isolerende schil: als er ergens in de woning koude oppervlaktes zijn (zoals koudebruggen) zou vocht er zich kunnen afzetten omdat de lucht er op deze plaatsen afkoelt.  Dit geeft mogelijk dan weer gevolg tot vochtproblemen.

Ventileren dan maar

Om een gezond binnenklimaat na te streven is ventileren cruciaal.  Dit kan op verschillende manieren, maar laat ons deze nu even buiten beschouwing laten.  Een van de voordelen die een goede ventilatie met zich meebrengt is de afvoer van vochtige lucht.  Immers: hoe minder vochtige lucht, hoe kleiner het risico op afzet van vocht bij koudebruggen etc…

Voorkomen is beter dan genezen: het dampscherm

Om je al het bovenstaand beschreven plezier te besparen plaats je een zogenaamd “dampscherm” aan de binnenzijde van je bouwschil.  (Aan de “warme kant” van de isolatie.)  Dit dampscherm voorkomt dat warme (en vochtigere) lucht van je binnenomgeving door kan dringen in de bouwschil.  Hiermee tracht je de hoeveelheid waterdamp in de schil en het risico ervan op condenseren te minimalizeren.

Dampschermen kunnen op verschillende manieren worden uitgevoerd.  Vaak gaat het om een specifiek soort folie dat achter je gyproc steekt of over hard plaatmateriaal (OSB/Spano) dat luchtdicht wordt afgetaped.

Het belang van dampopen bouwen

Samenvatting tot nogtoe: je tracht te voorkomen dat vocht doordringt daar waar je het liever niet wil: je gebouwschil.  Dit doe je door een goede ventilatie en het aanbrengen van een damprem of dampscherm.

Maar… zeg nooit nooit.  Net als water, zoekt waterdamp zijn weg.  Dit wil zeggen dat een minimale kier of spleet reeds volstaat om toch vochtige lucht door te laten.  Vandaar ook het belang van het aftapen van naden en luchtdicht bouwen.  Niets is echter perfect en je kan er dan ook maar beter vanuit gaan dat dit zich vroeg of laat toch voordoet.  Wat dan?

Waterdamp die zich in de gebouwschil bevindt wil je daar het liefst weg.  Daarom moet je het ook de kans geven om weg te kúnnen.  Als je aan je binnenzijde immers een dampscherm aanbrengt, kan het alvast niet gemakkelijk terug naar de binnenruimte.  Richting buitenlucht dan maar?  Inderdaad – maar dan moet je gebouwschil correct zijn opgebouwd en moet de buitenbeplating van je houtskeletstructuur dampopen zijn!

Om maar een voorbeeld te geven: als je houtskelet een muuropbouw heeft met OSB plaat aan binnenkant + houten stijlen + OSB plaat aan de buitenkant, kan het opgesloten vocht niet weg.  (Waterdamp geraakt immers niet door de buitenste OSB plaat.)  Beeld je dan nog in dat er tegen deze OSB buiten nog een harde PUR plaat zou worden aangebracht (Recticel of Kingspan Resolplaat): dit maakt de zaak alleen maar erger en laat helemaal geen vocht meer door.  Je bent in dat geval volledig aangewezen op je damprem / dampscherm.

Een dampopen opbouw voorziet in een buitenplaat waardoor waterdamp zich gemakkelijk kan verplaatsen.  Houtvezelplaten lenen zich hier uitstekend toe.  (Celit of Pavatex of Gutex, …)  In ons voorbeeld wil dit zeggen: géén OSB langs de buitenzijde, maar liever een Celit 3D.  (Zie foto.)  Als je er dan toch nog voor zou willen kiezen om bovenop deze houtvezelplaat nog een bijkomende isolatie te plaatsen, zorg dan ook dat deze dampopen is.  (Dus zeker geen dampdicht PUR plaat.)

Zoals vaak is de wereld niet zwart / wit.  Een materiaal is niet “open” of “toe”, maar wordt gekenmerkt door een zogenaamd “dampdiffusieweerstandsgetal” µ.  (Dat van Celit 3D is bijvoorbeeld “5” – terug te vinden op de technische fiche.)

Landmeter geweest & kabel verhangen

Vandaag is het weer een vruchtbare dag geweest.  Voor er kan gebouwd worden moest er:

  • nogmaals een landmeter langskomen aangezien er nog geen exacte afpaling aanwezig was
  • een overhangende electriciteitskabel en distributiekabel verwijderd worden

Beiden werden vandaag opgelost!

Beginnen bouwen zonder exact te weten tot wáár je nu mag komen leek ons niet erg aangewezen (vooral niet omdat het hier een halfopen bebouwing betreft).  Dit werd nu netjes opgelost met metalen pinnetjes in de grond en duidelijke graffiti aanduidingen:

 

Wat de electriciteitskabel betreft: het heeft wat voeten in de aarde gehad om Eandis zo ver te krijgen, maar met resultaat.  Waar je anno 2012 ervan uit zou durven gaan dat kabels niet boven de grond thuis horen maar eronder, lijkt deze logica voorbij te gaan aan Eandis.  Deze paal stond in de weg op onze eigendom en dus heeft men vrolijk een nieuwe gezet op de grond van onze buren!  (Alleen maar in België …)  Ik neem aan dat ze telefoon van de buurman mogen verwachten eens deze concrete bouwplannen heeft.

Nieuwe bouwfirma: QBuild

Onze laatste blogpost eindigde met de zegende woorden: “We hebben goede moed dat de volgende blogposts weer échte vooruitgang kunnen tonen.”  Bij deze dan ook goed nieuws: we hebben een nieuwe bouwfirma gevonden: QBuild.

Batibouw was voor ons nog maar eens een bevestiging dat het aanbod houtskeletbouw firmas die werken op een correcte manier en wéten over wat ze praten eerder beperkt is in België.  Massieve houtskeletbouw terzijde gelaten (hiervan kennen we weinig of niets), was het zéér moeilijk nog eentje te vinden die correcte uitleg kon geven over een correcte opbouw.

“Correct opbouw?” – “Is er dan verschil?”

… en nog geen klein beetje.  Hoewel het nooit onze bedoeling geweest was om zo uitgebreid onderzoek te doen of onszelf te verdiepen in de materie “houtskeletbouw”, bleek toch al snel dat het geen kwaad kon nét iets meer te weten dan “niets” :-).

Als we zo snel terugtellen in een terugblik op voorbije twee jaar hebben we zo’n 15-tal firma’s gesproken.  (Dus niet gewoon gezien op een beurs, maar effectief aan tafel gehad voor bespreking en/of offerte.)  Zonder namen te noemen of hierbij een waarde-oordeel te willen vellen, merkten we toch dat de meesten het liever in de eerste plaats langs de commerciële kant bekeken dan van de kwalitatieve.  (“Een mooie keuken in een kijkwoning ziet er fantastisch uit en als dan prijs voor bouw ook nog meevalt is dat zeer verleidelijk – is er echter ooit gesproken geweest over muuropbouw, dikte van balken, luchtdichting, … etc?  Laat je niet te snel inpakken… twee plaatjes OSB, met beetje rockwool ertussen en beplakt met een Recticel plaatje is ook houtskeletbouw.”)

Lang verhaal kort: QBuild gaf ons op de beurs een correcte uitleg over een correcte muuropbouw en gaf blijk van de nodige expertise.  Aanzet op Yton met verankering in beton, dampopen opbouw naar buiten toe, gebruik van Celith, kennis van luchtdichting, pro-actief aanpakken van potentiele koudebruggen, …

Budget & Doe-Het-Zelf

Naast een correcte opbouw en de houtskelet-knowhow was het voor ons nog belangrijk om het geheel te passen binnen het beschikbare budget.  (Bij wie niet??)  Nu, eerder beslisten we al om nogal wat zaken zelf te doen, waaronder electriciteit, verwarming, ventilatie, sanitair, …  Ook hier leek QBuild geen probleem van te maken.  (Integendeel, we kregen advies over hoe zaken best aan te pakken.)  Nu mag dit evident klinken, maar bij het leeuwendeel van de bewuste 15 firma’s leek er toch steeds iets te ” blijven plakken”.  Elke firma dient uiteraard winstgevend te zijn, dus ook op zulke werken nemen zij een stukje marge – velen zijn er dan ook niet blij mee een stukje van die marge te zien verdwijnen.  Een gedetailleerde prijsofferte is je beste bescherming: als elke post nauwkeurig uitgerekend staat én op papier wordt gezet heb je niet alleen een keurig overzicht, maar ben je er eveneens zeker van dat je firma in alle transparantie wil werken.  (En minimaliseer je het risico dat ze gaan “schuiven” in kosten-posten.)

Conclusie

Na een aantal intensieve gesprekken en ook na Peter (technisch directeur) te hebben ontmoet van QBuild werd het stilaan duidelijk dat ze wilden garant staan voor kwaliteit; ze konden zich dan ook vinden in ons lage-energie concept.  En hier staan we dan: een aantal weken terug nog zonder bouwfirma en nu met een akkoord bij QBuild.

Vol goede moed kijken we uit naar de voorbereidingen voor start van de werken!  (Stabiliteitsstudie op het bouwplan, veiligheidscoordinatie en EPB in gang zetten, Eandis in het oog houden dat ze onze electriciteitskabel weghalen boven de grond, …)

Prettig weekend,
Christof en Deborah

Faillissement Bouwfirma Lotte Houthuys

Hey iedereen!  Even geleden sinds onze laatste post en dat heeft ook zo zijn redenen: onze bouwfirma ging recentelijk failliet.  “waarom” is het eerste wat je jezelf dan afvraagt, en hoewel we verschillende verhalen hoorden lijkt het ons best het bij de feiten te houden, er geen waarde-oordeel aan te hangen en niet te speculeren.  Samengevat: “ze zijn er niet meer”.

Ongeloof, verbazing, ontgoocheling, … wat kan ik hier over zeggen? We hadden dan ook geluk (bij een ongeluk) dat er nog geen voorschotten werden betaald.  Wij zijn dus geen geld kwijt, maar hiermee staat onze planning wel op de helling.

Nu kan je achteruit blijven kijken en jezelf vragen blijven stellen ofwel ga voor je toekomst en begin je als een gek terug je huiswerk te maken: wie kan ons het best helpen, welke aannemer heeft er een correct houtskeletopbouw, hoe zit het met de planning, … ?

Afgelopen weken waren dus op z’n minst hectisch te noemen.  Als we dan toch opnieuw ons huiswerk moeten maken doen we dat ook liever grondig – er hangt immers nogal wat van af en niet in het minst moet je vertrouwen kunnen stellen in je bouwfirma.

We hebben goede moed dat de volgende blogposts weer échte vooruitgang kunnen tonen 🙂  – Tot snel!

Tweede werkdag

Voila, onze tweede werkdag zit er op. Van de betonklinkers die nog verwijderd dienden te worden zijn er nu toch al veel weg! Nog een paar uurtjes werken en het pad wat er nog lag, ligt niet lang in de weg.

Hopelijk een bouwvergunning in de komende dagen.

Een kijk op ramen

Aangezien een gesloten doos ietwat donker is om in te leven, misschien ook maar eens nadenken over onze ramen.

Van wat we intussen geleerd hebben op onder meer de bouwteams cursus, dienen ramen níet alleen maar om licht door te laten.  Ze zijn immers ook belangrijk om zogenaamde “passieve zonnewinsten” te realiseren.  (Moeilijke woorden om te zeggen dat, door tactisch ramen te plaatsen, je meer zon kan binnen laten en op deze manier je huis gratis kan verwarmen zonder dat je hiermee  Electrabel rijker maakt.)  Dit begint uiteraard met de architectuur; gelukkig heeft onze architecte hier de nodige aandacht aan besteed: aan de zuidkant is er zowel boven als beneden een raampartij.

“Dus als ik mijn zuidgevel vol ramen zet, win ik daar alleen bij?”

Zo eenvoudig is het nu ook weer niet.  Een tweede factor waar je rekening mee dient te houden is deze van het risico op oververhitting.  Immers: hoe meer raam, hoe meer zon, hoe warmer – en dat geldt zeker in de zomer.  Als je woning in de zomer té warm wordt, is het niet alleen onaangenaam wonen, maar dien je mogelijk ook te koelen: energie die geld kost, daar gaat je voordeel met “gratis warmte”.  Uiteraard zijn er tal van oplossingen om dit scenario te vermijden: screens, rolluiken, luifels, …  In ons geval steekt op de zuidkant onze eerste verdieping iets uit boven het raam op het gelijkvloers: dit vormt een luifel waardoor de zon in de zomer (wanneer ze het hoogst staat) wordt afgeschermd.  In de winter, wanneer de warmtebehoefte groter is, staat de zon lager en krijgt ze weer wel de kans om binnen te komen.

Voor onze woning hebben we de indruk dat keuze van ramen ook een invloed zullen hebben op het estetische aspect; vandaar hadden we ook beslist om voor aluminium ramen te kiezen.  Aluminium ramen zijn immers vaak modern en strak – helemaal ons ding 🙂

Een recent gesprek op een beurs gaf ons echter nieuwe inzichten waardoor we nu toch zwaar twijfelen; dit omwille van twee redenen:

  • Aluminium ramen isoleren minder goed dan PVC ramen
  • PVC ramen blijken significant goedkoper te zijn dan hun aluminium broertjes

We moeten tegen niemand zeggen dat als je aan het bouwen bent, het budgetaire aspect niet onbelangrijk is: dat is bij ons niet anders.  Met de middelen die we uitsparen door de keuze voor PVC te maken, zouden we onder meer kunnen kiezen voor driedubbel glas met een U-waarde van 0,7 en een thermisch superieur raamprofiel.  (Dubbele winst: in de aankoopprijs en terwijl we er zullen wonen, aangezien het energieverbruik hiermee zal dalen.)

Hoewel er nog geen finale beslissing werd gemaakt, denken we er nu toch over om het praktische en kwalitatieve aspect (met het oog op het bekomen van een lage-energie woning) voor te laten gaan op het esthetische.  Het is uiteraard kwestie van persoonlijke smaak, maar we vinden aluminium ramen écht mooier.  🙂

Kwestie van keuzes zeker?  Het zal wellicht niet de laatste keer zijn dat we zulke overweging moeten maken.

Waarom houtskeletbouw?

We krijgen het met de paplepel ingegeven: waarom zou iemand ook een houten huisje bouwen; zelfs de drie biggetjes moesten ondervinden dat als het wat waait of er een vonkje is, het houten huisje als eerste de geest moet geven.  Toch?

Houtskeletbouw was allerminst een evidente keuze voor ons; ik herinner me nog dat we er in het begin zelfs sceptisch tegenaan keken.  (“Traditioneel bouwen is intussen toch bewezen degelijk te zijn, elke aannemer kan er mee overweg, ….”)  Dus de vraag dringt zich op: waarom dan tóch uiteindelijk geopteerd voor houtskeletbouw?

Eerst en vooral: dit is een persoonlijke voorkeur en zeker geen zwart/wit discussie.  Er is geen “beste” of “slechtste” oplossing wat bouwmethode betreft lijkt me en het zou al te gemakkelijk zijn de zaken zo voor te stellen.  (Immers kan je met Yton, traditioneelbouw, staalbouw, … ook perfect een energiezuinige woning bouwen volgens de regels van de kunst.)

De zaken die ons in het oog sprongen:

  • Snelheid van opbouw: muren van een houtskelet worden veelal op voorhand op maat klaargemaakt in een timmer-atelier, waardoor ze op de werf zelf op korte tijd in elkaar gezet kunnen worden.  (We spreken hier over dagen.)  Afhankelijk van de keuze van gevelbekleding moet er al dan niet achteraf nog voor gemetst worden, of bekleed worden met bijvoorbeel houten lattenwerk.  Metsen van de gevelsteen duurt uiteraard even lang als bij een “traditionele” woning.
  • Ruwbouw is droog: de ruwbouw van een houtskelet is droog, dit wil zeggen dat er weinig of geen bouwvocht in de muren zit en je niet dient te wachten aangezien muren van gyproc (verstevigd met OSB erachter) schilderklaar zijn.
  • Isolatie capaciteiten: de thermische eigenschappen van hout zijn uitstekend: niet alleen isoleert een houten skelet op zich beter dan baksteen of snelbouwsteen; het houten skelet wordt volledig opgevuld met isolatie zodat men typisch voor dezelfde muurdikte, meer isolatie kan steken in een houtskelet structuur dan een traditionele woning.  In de Scandinavische landen bijvoorbeeld is houtskeletbouw zowat de norm.  Bij houten constructies heb je dan ook geen “koude-straling” afkomstig van de wanden.
  • Hout is een dankbaar doe-het-zelf  materiaal voor de zaken die wel zelf zullen doen in de woning: geen breek- en slijpwerk voor de electriciteit bijvoorbeeld.  (We hebben immers een technische leidingenspouw waar alle leidingen doorlopen; occasioneel komen ze daar uit de muur waar er electriciteitspunten of schakelpunten zijn.  (Lees: met de klokboor een gaatje in de gyproc & OSB; draad eruit halen en rond “potje” plaatsen.)  Al heb ik momenteel twee linkerhanden; hopelijk helpt deze opbouw ons om toch op een relatief eenvoudige wijze het nodige zelf te realizeren.

Hmmm – dus de biggetjes waren verkeerd?

Wel ja, hout heeft uitstekende brandwerende eigenschappen en is daarom niet minder veilig dan andere materialen wat brandgevaar betreft.  Hout zal bij brand verkolen en hierdoor vormt zich een verkoolde laag  op het brandende oppervlak die op natuurlijk wijze het hout verder beschermd tegen verder branden.  (In tegenstelling tot staal bijvoorbeeld, wat bij een bepaalde temperatuur alle stevigheid en dragend vermogen verliest en wegsmelt.)  De snelheid van dit “pyrolise” process wordt beperkt door de lage thermische geleiding van hout (en nog lagere warmte-geleiding van de verkoolde laag).  Hierdoor zal het lang duren eer hout zal inboeten aan kracht.  Hoor ons bezig; hopelijk valt dit NOOIT voor 🙂

Toch “houten huisje” dus; al zal dat aan de buitenkant niet merkbaar zijn; dat is immers een gewone gevelsteen.

%d bloggers liken dit: