Bouwvergunning in orde – Verwarming beslist

Het is al even het geval, maar wegens tijdsgebrek was het er nog niet echt van gekomen om het ook hier nog even te melden: onze bouwvergunning is toegekomen en staat trots ge-afficheerd op de bouwgrond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Intussen is de stapel betonklinkers ook weer een beetje gegroeid en is het vermoedelijk nog maar twee dagen werk om ook de rest netjes weg te leggen zodat alles klaar is om een fundering te kunnen gieten.

Om even terug te komen op onze keuze betreft buitenschrijnwerk, dit zal PVC worden van Schüco (SI82 profiel).  (Beter isolerend en goedkoper dan alu.)  Hierover later misschien meer in een afzonderlijke post.

Verder hebben we ook de knoop doorgehakt om met de zelfbouwfirma EasyKit in zee te gaan voor wat betreft vloerverwarming en sanitair.  Hoewel een zeer jonge firma bleken ze zeer behulpzaam in het zoeken van oplossingen voor een lage-energiewoning.  (Meer dan gelijkaardige firmas als onder meer SACK zelfbouw waar we sterk de indruk kregen dat het in de eerste plaats ging om te verkopen; ongeacht of dit dan ook de beste oplossing was voor onze lage-energie houtskeletbouw.  Dit zijn uiteraard persoonlijke ervaringen, we hoorden al van anderen positieve zaken ook.)

Het vraagstuk is immers niet evident:

  • je wil liefst een ketel die zuinig werkt en gascondensatie is een mooie oplossing
  • echter, je dient het aantal kW af te stemmen op je verwarmingsbehoeften – deze zijn in een lage-energiewoning, per definitie, zeer laag (maar enkele kW)
  • indien je dit strikt zou toepassen, zou een laag-modelurende ketel van maar een aantal kW voldoende zijn (zeg maar bv 4 kW)
  • dit is echter gerekend buiten het sanitair comfort: je wil immers op comfortabele wijze een douche kunnen nemen zonder dat je ketel het laat afweten omdat hij niet kan bijhouden met verwarmen

De oplossing waarvoor we kozen lijkt ons een pragmatisch, comfortable middenweg: een ACV modulerende ketel van 4 kW tot max 30 kW.  Dit garandeert lage modulatie en dus een optimaal rendement voor de verwarming terwijl een douche of bad perfect worden bedient door de bovengrens van 30 kW.  Deze zal nog worden aangevuld met een kleine boiler.  (Ook ACV, ketel in ketel systeem wat maakt dat deze meer dan andere snel kan opwarmen.)

Zeer binnenkort hebben we onze eerste technische vergadering met de aannemer.  Nog iets om naar uit te kijken dus!

Tweede werkdag

Voila, onze tweede werkdag zit er op. Van de betonklinkers die nog verwijderd dienden te worden zijn er nu toch al veel weg! Nog een paar uurtjes werken en het pad wat er nog lag, ligt niet lang in de weg.

Hopelijk een bouwvergunning in de komende dagen.

Voorbereidingen bouwaanvraag

Meer dan we hadden verwacht, lijkt de fase voorafgaand aan de definitieve bouwaanvraag toch nog wat werk te vragen.  Alles loopt gelukkig perfect:

  • Wat (hopelijk) de laatste planwijzigingen zijn, zijn doorgenomen en besproken met Sien, onze architecte.  Het zijn op papier kleine zaken om nog aan te passen, maar bijvoorbeeld een kroonlijsthoogte veranderen ná de bouwaanvraag is moeilijker – we trachten dus goed na te denken en er op te letten dat we niet vergeten na te denken over zulke cruciale zaken.  Daarnaast werd nog wat geschoven met enkele binnenmuurtjes en kastwanden.  Verder bespraken we nog paar wijzigingen in plaatsing en grootte van de ramen.
  • We waren aardig onder de indruk hoe Sien ons onmiddelijk in 3D een beeld kon bieden van hoe elk van deze wijzigingen hun impact zou hebben op het esthetische.  Zeer fijn om op zo’n manier ondersteund te worden!
  • Verder trachten we intussen ook ons huiswerk te maken wat de muuropbouw betreft: dikte, keuze materialen, isolatie, … Dit zal uiteraard zijn doorslag kennen op energiehuishouding en bijgevolg ook op de EPB berekening.  Uiteraard zijn we zelf geen specialist houtskeletbouw en onze eerste vraag was dan ook “hoe pakken we dit aan?”.  VZW Dialoog  (http://dialoog.be) gaf ons echter een mooi antwoord: zij leveren immers planadvies op maat.  Ook hier weer konden we rekenen op onze architecte; wat achteraf een goede beslissing bleek te zijn.  Alle aspecten van ons plan kwamen aan bod: gaande van de compactheid van de woning, zonnewinsten, risico op oververhitting, verwarmingswijze, ventilatie, tot en met de opbouw van de skeletstructuur.  Een echte aanrader dus; zeker als je op voorhand de bouwteams cursus hebt gevolgd zodat je ook de basis-achtergrond van vele zaken mee hebt gekregen.
  • Wat EPB betreft: in afwachting op definitieve aanstelling van onze EPB verslaggever deden we intussen onze eerste simulaties zelf al, met zeer bemoedigende cijfers als resultaat.  Intussen is echter het contract voor EPB verslaggeving reeds in orde gebracht en kunnen we verder op studiebureel TOPCO rekenen hiervoor.Waar we soms de indruk kregen dat sommige EPB verslaggevers enkel in het begin, voor de startverklaring, en op het einde hun functie zien – bleek dit niet zo voor hen.  Op de vraag of tussentijdse berekeningen mogelijk waren en of de .epb bestanden gedeeld konden worden met ons werd alleen maar positief geantwoord.  Het is immers belangrijk ook tijdens ons bouwproject de EPB-impact te kennen van bepaalde beslissingen zodat we deze tenminste geinformeerd zullen kunnen nemen.
  • Verder trokken we nog foto’s van de bouwgrond om bij de aanvraag te voegen en zullen we spoedig ook een grondsondering laten uitvoeren.

We krijgen stilaan het gevoel dat we ergens aan het geraken zijn.  De volgende grote mijlpaal is de definitieve bouwaanvraag!

Een kijk op ramen

Aangezien een gesloten doos ietwat donker is om in te leven, misschien ook maar eens nadenken over onze ramen.

Van wat we intussen geleerd hebben op onder meer de bouwteams cursus, dienen ramen níet alleen maar om licht door te laten.  Ze zijn immers ook belangrijk om zogenaamde “passieve zonnewinsten” te realiseren.  (Moeilijke woorden om te zeggen dat, door tactisch ramen te plaatsen, je meer zon kan binnen laten en op deze manier je huis gratis kan verwarmen zonder dat je hiermee  Electrabel rijker maakt.)  Dit begint uiteraard met de architectuur; gelukkig heeft onze architecte hier de nodige aandacht aan besteed: aan de zuidkant is er zowel boven als beneden een raampartij.

“Dus als ik mijn zuidgevel vol ramen zet, win ik daar alleen bij?”

Zo eenvoudig is het nu ook weer niet.  Een tweede factor waar je rekening mee dient te houden is deze van het risico op oververhitting.  Immers: hoe meer raam, hoe meer zon, hoe warmer – en dat geldt zeker in de zomer.  Als je woning in de zomer té warm wordt, is het niet alleen onaangenaam wonen, maar dien je mogelijk ook te koelen: energie die geld kost, daar gaat je voordeel met “gratis warmte”.  Uiteraard zijn er tal van oplossingen om dit scenario te vermijden: screens, rolluiken, luifels, …  In ons geval steekt op de zuidkant onze eerste verdieping iets uit boven het raam op het gelijkvloers: dit vormt een luifel waardoor de zon in de zomer (wanneer ze het hoogst staat) wordt afgeschermd.  In de winter, wanneer de warmtebehoefte groter is, staat de zon lager en krijgt ze weer wel de kans om binnen te komen.

Voor onze woning hebben we de indruk dat keuze van ramen ook een invloed zullen hebben op het estetische aspect; vandaar hadden we ook beslist om voor aluminium ramen te kiezen.  Aluminium ramen zijn immers vaak modern en strak – helemaal ons ding :-)

Een recent gesprek op een beurs gaf ons echter nieuwe inzichten waardoor we nu toch zwaar twijfelen; dit omwille van twee redenen:

  • Aluminium ramen isoleren minder goed dan PVC ramen
  • PVC ramen blijken significant goedkoper te zijn dan hun aluminium broertjes

We moeten tegen niemand zeggen dat als je aan het bouwen bent, het budgetaire aspect niet onbelangrijk is: dat is bij ons niet anders.  Met de middelen die we uitsparen door de keuze voor PVC te maken, zouden we onder meer kunnen kiezen voor driedubbel glas met een U-waarde van 0,7 en een thermisch superieur raamprofiel.  (Dubbele winst: in de aankoopprijs en terwijl we er zullen wonen, aangezien het energieverbruik hiermee zal dalen.)

Hoewel er nog geen finale beslissing werd gemaakt, denken we er nu toch over om het praktische en kwalitatieve aspect (met het oog op het bekomen van een lage-energie woning) voor te laten gaan op het esthetische.  Het is uiteraard kwestie van persoonlijke smaak, maar we vinden aluminium ramen écht mooier.  :-)

Kwestie van keuzes zeker?  Het zal wellicht niet de laatste keer zijn dat we zulke overweging moeten maken.

Waarom houtskeletbouw?

We krijgen het met de paplepel ingegeven: waarom zou iemand ook een houten huisje bouwen; zelfs de drie biggetjes moesten ondervinden dat als het wat waait of er een vonkje is, het houten huisje als eerste de geest moet geven.  Toch?

Houtskeletbouw was allerminst een evidente keuze voor ons; ik herinner me nog dat we er in het begin zelfs sceptisch tegenaan keken.  (“Traditioneel bouwen is intussen toch bewezen degelijk te zijn, elke aannemer kan er mee overweg, ….”)  Dus de vraag dringt zich op: waarom dan tóch uiteindelijk geopteerd voor houtskeletbouw?

Eerst en vooral: dit is een persoonlijke voorkeur en zeker geen zwart/wit discussie.  Er is geen “beste” of “slechtste” oplossing wat bouwmethode betreft lijkt me en het zou al te gemakkelijk zijn de zaken zo voor te stellen.  (Immers kan je met Yton, traditioneelbouw, staalbouw, … ook perfect een energiezuinige woning bouwen volgens de regels van de kunst.)

De zaken die ons in het oog sprongen:

  • Snelheid van opbouw: muren van een houtskelet worden veelal op voorhand op maat klaargemaakt in een timmer-atelier, waardoor ze op de werf zelf op korte tijd in elkaar gezet kunnen worden.  (We spreken hier over dagen.)  Afhankelijk van de keuze van gevelbekleding moet er al dan niet achteraf nog voor gemetst worden, of bekleed worden met bijvoorbeel houten lattenwerk.  Metsen van de gevelsteen duurt uiteraard even lang als bij een “traditionele” woning.
  • Ruwbouw is droog: de ruwbouw van een houtskelet is droog, dit wil zeggen dat er weinig of geen bouwvocht in de muren zit en je niet dient te wachten aangezien muren van gyproc (verstevigd met OSB erachter) schilderklaar zijn.
  • Isolatie capaciteiten: de thermische eigenschappen van hout zijn uitstekend: niet alleen isoleert een houten skelet op zich beter dan baksteen of snelbouwsteen; het houten skelet wordt volledig opgevuld met isolatie zodat men typisch voor dezelfde muurdikte, meer isolatie kan steken in een houtskelet structuur dan een traditionele woning.  In de Scandinavische landen bijvoorbeeld is houtskeletbouw zowat de norm.  Bij houten constructies heb je dan ook geen “koude-straling” afkomstig van de wanden.
  • Hout is een dankbaar doe-het-zelf  materiaal voor de zaken die wel zelf zullen doen in de woning: geen breek- en slijpwerk voor de electriciteit bijvoorbeeld.  (We hebben immers een technische leidingenspouw waar alle leidingen doorlopen; occasioneel komen ze daar uit de muur waar er electriciteitspunten of schakelpunten zijn.  (Lees: met de klokboor een gaatje in de gyproc & OSB; draad eruit halen en rond “potje” plaatsen.)  Al heb ik momenteel twee linkerhanden; hopelijk helpt deze opbouw ons om toch op een relatief eenvoudige wijze het nodige zelf te realizeren.

Hmmm – dus de biggetjes waren verkeerd?

Wel ja, hout heeft uitstekende brandwerende eigenschappen en is daarom niet minder veilig dan andere materialen wat brandgevaar betreft.  Hout zal bij brand verkolen en hierdoor vormt zich een verkoolde laag  op het brandende oppervlak die op natuurlijk wijze het hout verder beschermd tegen verder branden.  (In tegenstelling tot staal bijvoorbeeld, wat bij een bepaalde temperatuur alle stevigheid en dragend vermogen verliest en wegsmelt.)  De snelheid van dit “pyrolise” process wordt beperkt door de lage thermische geleiding van hout (en nog lagere warmte-geleiding van de verkoolde laag).  Hierdoor zal het lang duren eer hout zal inboeten aan kracht.  Hoor ons bezig; hopelijk valt dit NOOIT voor :-)

Toch “houten huisje” dus; al zal dat aan de buitenkant niet merkbaar zijn; dat is immers een gewone gevelsteen.

Start van een nieuw avontuur

Voila – hier staan we dan: één jaar en drie maanden na aankoop van ons
grondje, klaar voor een nieuw avontuur.

Geen van ons beiden had tot dusver enige kennis van het hele bouw-gebeuren.
Laat staan van energie-zuinig bouwen, blowerdoor-testing of zelfs maar het
verschil tussen een tradionele woning en een houtskelet woning.

We hebben al een hele weg afgelegd – na:

  • geinteresseerd volgen van het hele bouwtraject van mijn broer
  • een cursus van de “Infrax – BouwTeams
  • diverse beurzen
  • een opleiding als Energiedeskundige bij Syntra
  • … en ettelijke uurtjes surfen op ecobouwers etc

… werd het stilaan duidelijk dat energiezuinig bouwen wenselijk was.  Onze
persoonlijk voorkeur ging hiervoor uit naar houtskeletbouw, later hierover
wellicht meer.

Fast-forward naar vandaag: we besloten in zee te gaan met de houtskeletbouw
firma Lotte Houthuys uit Zomergem.   Of dit de juiste
keuze was kan enkel de toekomst uitwijzen.  Ze zijn in elk geval jong en
gemotiveerd, geven blijk van kennnis over luchtdicht bouwen en denken tot op
heden goed mee.

Ook over onze architecte Sien Van Liefferinge (SITO) tot nogtoe niets dan goed; ze bleek
aandachtig te luisteren naar onze wensen en kon het geheel vorm geven met in het
achterhoofd de eeuwige budgetbeperkingen :-)   Positieve noot is dat ze reeds
eerder samenwerkte met Lotte Houthuys.

We zijn er klaar voor – bring it on!!!

Deborah en Christof

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.